Nieuws

Reactie DGG op de gemeentebegroting 2020 – 2023. We moeten onze gemeente blijven ontwikkelen!

Begroting 2020

Reactie DGG op de Meerjaren Programma Begroting 2020 – 2023

De DGG is voor het blijven ontwikkelen van onze gemeente. Voor politiek door de ogen van de inwoners, voor een beleid dat leidt tot een bruisende gemeente Geldrop-Mierlo en dat de inwoners een warm thuisgevoel geeft. Een plek waar zij graag wonen, verblijven en recreëren. Waar ze betrokken zijn bij hun woonomgeving en ingebed zijn in een sociaal netwerk van familie, buren en vrienden. Een gemeente met een rijk verenigingsleven en een rijke cultuur waar alle mensen méé kunnen doen.

De DGG heeft een kernakkoord gesloten met een aantal partners in deze raad. Voor de DGG is het belangrijk dat we in deze raadsperiode zoveel mogelijk doelstellingen uit dit kernakkoord realiseren. Maar ondanks het feit dat we vorig jaar op veel plaatsen in onze organisatie de formatie hebben uitgebreid, blijven we telkens bij belangrijke dossiers horen dat er een capaciteitsprobleem is.  Te weinig handhavers voor meer zichtbaarheid in de wijken, te weinig capaciteit om de fietsstraten snel aan te pakken, voorstellen kunnen niet aangepast worden omdat er blijkbaar geen vervangingsregeling is voor een medewerker die ziek is, en noem maar op. In het algemeen staat er in de voorliggende begroting dat een aantal projecten zich in 2020 verder zal ontwikkelen. Dat is voor DGG iets te breed geformuleerd, er moet afgebakend worden en worden beschreven wanneer uitvoering zal plaatsvinden. We pleiten er al langer voor om in de begroting niet alleen een financiële planning maar ook een capaciteitsplanning op te nemen. Dat zorgt voor meer transparantie. Daarmee wordt inzichtelijk voor onze inwoners, bedrijven en instellingen, maar ook voor ons als Raad, wat we komend jaar wèl gaan realiseren en wat niet.

Ophouden met projecten om capaciteit vrij te maken.

Uit de begroting en de eerdergenoemde voorbeelden blijkt dat we goed moeten kijken waar we onze schaarse capaciteit en middelen aan besteden. Daarom noemen we hier een paar voorbeelden van projecten die voor wat de DGG betreft best gestopt mogen worden.

Het proces van de herziening van het subsidiebeleid voor de kleine organisaties zonder personeel kan wat ons betreft gestopt worden. De capaciteit die we hier aan besteden kunnen we beter inzetten voor de taskforce sociaal domein. We kunnen ons hier beter richten op de professionele subsidie-ontvangers die 80% van het subsidiebudget krijgen.

Ook het handhaven op in gebruik genomen gemeentegrond kan wat ons betreft een stuk vereenvoudigd worden. Wij pleiten er al jaren voor om kleine stukken gemeentegrond in gebruik te geven bij inwoners vermits ze het goed onderhouden en groen laten. Dat scheelt onderhoudskosten. Als dat het geval is, hoeven we alleen maar vast te leggen dat de grond van de gemeente is en zijn we klaar. Hiervoor hoeven we geen apart projectteam op te zetten. Dit kunnen we meenemen in de wijkontwikkelingsplannen.

Kortom, meer integraal beleid in plaats van allemaal losse projecten. Dat is één van de doelstellingen van de wijkontwikkelingsplannen in het kernakkoord.

Wijkontwikkeling versnellen!

Goede voorzieningen in de wijken is voor de DGG een topprioriteit. We hebben er de laatste tijd veel over gehoord in het kader van het mogelijk vertrek van de Aldi uit Braakhuizen Zuid. Winkels, wijkcentra en voorzieningen in wijken moeten actief behouden èn verbeterd worden. Als er gemeentelijk beleid is dat dit in de weg staat dan moeten we dit snel aanpassen.

Het starten van de wijkontwikkelingsplannen gaat in de ogen van de DGG veel te traag. Voor ons is dit het cruciaal programma van deze raadsperiode. We doen er veel te lang over. Als we de wijken in gaan, zien we dat er overal mensen wachten met goede ideeën die nu niet gehoord worden. Of het nu gaat over parkeerproblemen in de wijken (de DGG vraag hier al jaren meer aandacht voor), de overlast van zwerfvuil of hondenpoep, er leven ideeën genoeg onder de inwoners om voor hun wijk zaken op te lossen. Er zijn zelfs wijken die graag het geld willen hebben dat aan de programmamanager wijkontwikkeling wordt besteed omdat ze er plannen genoeg voor hebben liggen.

Meer inzet op dit programma dus. Niet de belemmeringen opzoeken maar juist de mogelijkheden. We lezen in de begroting veel over de ambities van het college. Maar de DGG wil graag resultaten zien! Het streven moet zijn om voor het einde van de raadsperiode voor èlke wijk een wijkontwikkelingsprogramma te hebben.

We zijn nu al bijna halverwege, en er is nog maar net één plan in uitvoering. Goed, volgens de begroting komen er in 2020 nog twee bij, maar dan wordt de tijd wel erg krap om voor de overige wijken in Geldrop-Mierlo een wijkontwikkelingsplan op te stellen, laat staan uit te voeren. De DGG zou graag zien dat er vanaf 2020 jaarlijks voor vier wijken een wijkontwikkelingsplan opgesteld en uitgevoerd gaat worden tot we alle wijken gehad hebben.

Om het opstellen van de wijkontwikkelingsplannen te versnellen is externe gerichtheid en ontschotting nodig binnen de gemeentelijke organisatie. Dit staat min of meer ook vermeld in de begroting, maar nergens treffen we een plan aan hoe die cultuur in de organisatie wordt verbeterd, er wordt met geen woord over ontschotting gerept en de rol van de buurtregisseur blijft onbesproken.

Geen geldverslindende afvalverwerkingsprojecten met Cure

De stikstofproblematiek werpt op dit moment zijn schaduw ook over de bouw van de nieuwe vergister door Cure, die dit jaar in gang gezet moet zijn om aan de subsidievoorwaarden te voldoen. Zoals u weet is de DGG er geen voorstander van om als gemeente risicodragend te gaan ondernemen. Nu het project van de vergister, al dan niet tijdelijk, is stilgelegd is het wat de DGG betreft een prima moment voor een herbezinning op de te lopen route als het gaat om de manier van afvalscheiding.

Herbezinning van Renescience dus.

De DGG is van mening dat er voldoende alternatieven in de markt aanwezig zijn van inmiddels beproefde methodieken die kunnen leiden tot een hergebruik van 95% afval. We vragen dan ook om een serieuze heroverweging op voortzetting van het geldverslindende project Renescience. Niet zelf een fabriek voor afvalverwerking bouwen maar ons afval aanleveren aan een marktpartij die het verwerkt.

Vooralsnog houdt de DGG vast aan DIFTAR waarbij de vervuiler betaalt. Idealiter met betalen per kilo in plaats van per lediging. Dat lost veel problemen op voor ouderen, hoogbouw, overlast in de zomer en meer. Hierbij moeten we kritisch blijven op de kosten.

De DGG signaleert dat de overlast van, met name, zwerfafval in verschillende wijken explosief toeneemt. De Akert is hier een vervelend voorbeeld van.  Het veel te vroeg buitenzetten van PMD-zakken is hier vooral debet aan. De DGG pleit voor aanpak in de basis. Handhaving moet gericht plaatsvinden als het aan de DGG ligt.  Leefkwaliteit van de buurt staat bij de DGG voorop.

Sociaal domein onder controle krijgen.

Het sociaal domein is de komende jaren een van de belangrijkste aandachtspunten als het gaat om de financiële gezondheid van onze gemeente. Zonder het tekort op het sociaal domein hebben we een gezonde financiële huishouding. We hebben onszelf een taak opgelegd om in het sociaal domein een bezuiniging te realiseren, vooralsnog zonder verlies van kwaliteit, om daarmee over vier jaar weer een sluitende begroting te hebben. Hier moeten we de komende jaren veel energie in stoppen. De DGG heeft het vertrouwen dat we met de Taskforce Sociaal Domein de juiste stappen zetten om de doelstelling te halen. We moeten dit als Raad nauwgezet monitoren en waar nodig bijsturen.

Als we het hebben over het sociaal domein dan denken we vaak alleen aan zorggerelateerde onderwerpen. Maar ook werk en inkomen maakt deel uit van dit domein en ook hier dreigen we in zwaar weer te komen. Onze gemeente maakt deel uit van de gemeenschappelijke regeling Senzer. De laatste jaren heeft de DGG meerdere malen aangegeven niet tevreden te zijn over het werk van Senzer. En nog steeds krijgen wij van cliënten van Senzer te horen dat zij nog steeds veel te veel gericht is op werk zoeken in de richting van Helmond en de Peel, terwijl met name de werkzoekenden uit de kern Geldrop veel meer gericht zijn op Eindhoven en haar directe omgeving. Ook komt het voor dat bewindvoerders van mensen met een beperking, voor degene die hen is toevertrouwd, werk gaan zoeken, omdat Senzer er maar niet in slaagt dit te doen. Daarmee doen zij dus eigenlijk het werk van Senzer.

Ook op het vlak van werk en inkomen moeten we de komende jaren als Raad actiever worden en beter monitoren. We vragen het college dan ook om ons niet alleen de maandelijkse overzichten van Senzer te sturen maar om dit ieder kwartaal te agenderen in de Commissie om de Raad bij te praten over de stand van zaken.

Ook de woningcorporaties moeten bijdragen aan de verduurzaming van onze gemeente

De DGG is in afwachting van de toegezegde klimaatbegroting. In het kader hiervan willen we graag een discussie over wat we de komende jaren in onze gemeente aan maatregelen gaan treffen en wat dat voor onze inwoners betekent. Hierbij dienen we als gemeente natuurlijk het voorbeeld te geven en het gemeentelijk vastgoed te verduurzamen en het gebruik hiervan te optimaliseren.

Verder willen we dat we als Raad dit jaar spreken over de prestatieafspraken met de woningcorporaties. De door de Stichting Huurdersbelangen aangekaarte grote verschillen in duurzaamheid tussen de woningen van de verschillende corporaties moet aangepakt worden.

Meer zichtbare handhaving in de wijken

Onze gemeentelijke handhaving draagt bij aan de leefbaarheid van onze gemeente. Er gaan veel zaken goed echter, de DGG pleit al jaren voor zichtbare handhaving in de wijken. Hier gaat een bewezen preventieve werking vanuit. Ondanks toezeggingen is dit nog niet in voldoende mate gerealiseerd. De DGG krijgt nog met grote regelmaat opmerkingen van inwoners dat de handhaving onzichtbaar is en nergens te vinden als het nodig is. Natuurlijk gaat het hier om een subjectieve beleving maar gezien het aantal keer dat dit genoemd wordt in nagenoeg alle wijken leidt tot de conclusie dat we er nog lang niet zijn.

De DGG heeft daarom een voorstel; ondanks het feit dat rondrijden in elektrische auto’s duurzaam is zouden deze auto’s ingeruild kunnen worden voor elektrische handhavingsfietsen. Dat is niet alleen gezonder voor de BOA’s en andere handhavers, maar daarmee zijn ze veel directer aanspreekbaar en komen zo makkelijker in contact met onze inwoners.

Het sociale gezicht van Geldrop-Mierlo behouden

Ondanks het begrotingstekort wil de DGG het sociale gezicht van onze gemeente handhaven op het huidige niveau. De gemeente moet armoede bestrijden. De gemeente moet daarin actief een rol spelen om voor iedereen gelijke kansen te bieden. Dat geldt ook voor vroegtijdige schuldhulpverlening. Deze moet vaker en structureel worden ingezet om de latere maatschappelijke problemen, en dus kosten, te kunnen voorkomen.

Onderdeel van het sociale gezicht van onze gemeente is voor de DGG ook nakomen van toezeggingen aan groepen in onze samenleving.  Zo heeft de Gemeenteraad zich voorstander getoond van de oplossing van het huisvestingsprobleem van de Turkse Gemeenschap (TMSG) door hen toe te staan hun activiteiten uit te voeren in hun pand aan de Bleekvelden. Maar de uitvoering hiervan is tot op heden uitgebleven. Als het aan de DGG ligt wordt dit vraagstuk in de eerste helft van 2020 opgelost.

Gezonde gemeentelijke financiën is het uitgangspunt

Tenslotte voorzitter, de financiële situatie van onze gemeente. Als we het sociaal domein buiten beschouwing laten, hebben we voor het overige een gezonde begroting en dat hebben we al heel lang. Dat is een belangrijke constatering als het gaat om de oplossing van ons begrotingstekort. Dit wordt naar de mening van de DGG namelijk niet veroorzaakt door een slecht beleid van onze gemeente, maar door de wijze waarop het sociaal domein door de landelijke regering is overgeheveld naar de gemeenten. Was dit niet gepaard gegaan met een grote bezuiniging dan hadden we nu niet zo’n grote uitdaging gehad. Daarom zijn wij van mening dat, gezien het landelijke beeld van gemeenten met een begrotingstekort, de rijksoverheid meer bij moet dragen aan de oplossing van deze problematiek dan nu het geval is.

We behandelen nu een begroting die tekorten aangeeft, maar die in het laatste jaar sluitend is. Met deze behandeling leggen we ons vast voor het komende jaar en geven we een doorkijk naar de jaren daarna. Volgend jaar kijken we weer opnieuw en als volgend jaar blijkt dat de verwachtingen die we hebben en de plannen die we gezamenlijk maken anders uitwerken dan verwacht, dan gaan we alles opnieuw afwegen. We moeten nu dus vooral kijken naar 2020 en op basis hiervan onze besluiten nemen. Voor het jaar 2020 en in de prognose voor de jaren daarna zetten we onze inkomensreserve in om het begrotingstekort op te vangen.

De toekomst hoeft niet negatief te zijn want als de landelijke overheid zegt “we zien een structureel probleem bij al die gemeenten met hun begrotingstekorten, we gaan bijpassen” dan wordt het probleem kleiner. Ook als we succes hebben met onze taskforce waardoor het probleem kleiner wordt dan kan het zijn dat we die inkomensreserve niet eens helemaal nodig hebben. Dat is het positieve scenario.

Het negatieve scenario is dat we hier volgend jaar weer zitten, de landelijke overheid niet met een bijdrage over de brug komt en dat het ondanks alle voorbereidingen en plannen toch niet lukt om het tekort kleiner te maken. En dan hebben we weer een totaal andere discussie en is de hele inkomensreserve mogelijk niet meer dan een druppel op de gloeiende plaat.

Dat kan allebei, dus wat we vooral niet moeten doen is paniekeren. Want als we nu allerlei drastische maatregelen gaan nemen zoals het verhogen van de OZB voor meerdere jaren, of het afschaffen van de bijdrage voor conciërges op scholen, dan geven we het signaal af dat er iets structureel mis zou zijn met ons beleid en dat is zeker niet het geval.

We hebben één probleem en dat is het sociaal domein. Daar hebben we een plan op gezet om dat op te lossen en in de tussentijd moeten we een pleister plakken. Dat doen we met een deel van de inkomensreserve volgend jaar. En of we het jaar daarop weer een pleister moeten plakken met een deel van de inkomensreserve dat moeten we volgend jaar zien. We geven een doorkijk dat het mogelijk is om in vier jaar tijd naar een sluitende begroting te komen en dat we voldoende geld hebben om in de tussentijd het tekort op te vangen. Dat is het statement dat we willen maken met deze begroting. En volgend jaar kijken of dat statement nog steeds geldig is. Is dat niet het geval dan moeten we alsnog maatregelen nemen. De DGG heeft het vertrouwen dat dit niet het geval zal zijn maar dat we succes zullen hebben als we ons solide beleid voortzetten. Als we volgend jaar in deze verwachting teleurgesteld worden zullen we niet tanen om maatregelen te nemen maar nu is het wat de DGG betreft nog te vroeg voor drastische ingrepen.

De DGG wil een genuanceerd beeld uitstralen. We moeten alert zijn en we hebben een uitdaging maar we zien licht aan het einde van de tunnel en dat is het belangrijkste.